Een cliënt belt op. Zojuist heeft hij beelden bekeken van de verborgen camera die hij onlangs heeft laten plaatsen bij de kassa. Er was al een paar maal een onverklaarbaar kastekort geconstateerd, en gesprekken met de medewerkers
leverden niets op. Op de beelden is te zien dat een goed herkenbare werknemer geld uit de la haalt en in zijn broekzak stopt. De werknemer wordt op staande voet ontslagen.
Diefstal op de werkvloer komt helaas veel voor. Camera’s zijn dan een handig hulpmiddel. Onder bepaalde voorwaarden mag een werkgever camera’s plaatsen op de werkvloer. In geval van permanente camerabewaking dient de OR toestemming te geven. Als er geen OR is moet het personeel in elk geval weten dat er wordt gefilmd en dat die beelden na geconstateerde vermissing zullen worden bekeken en gebruikt. Dat kan door de camera’s zichtbaar op te hangen, bordjes te plaatsen en in het personeelsreglement op te nemen dat er wordt gefilmd.
Werkgevers kunnen ook tijdelijk een heimelijke camera plaatsen.. Dan dient de werkgever wel een gerechtvaardigd belang te hebben bij de tijdelijke verborgen camerabewaking, dus bijvoorbeeld vanwege ernstige verdenking, of geconstateerde diefstal.
Er mag dan alleen een tijdelijke verborgen camera geplaatst worden indien dit de laatste mogelijkheid is om de dief op te sporen. Het is dus pas mogelijk indien de werkgever door middel van andere maatregelen heeft geprobeerd om aan de diefstal een einde te maken, maar dit niet lukte (gesprekken met de betrokken werknemers, heldere regels omtrent geld- kluis of kasbeheer, het ophangen van een zichtbare camera etc). Slechts indien deze maatregelen geen effect hadden gehad, kan de werkgever zonder toestemming en medeweten van de werknemers een tijdelijke verborgen camera plaatsen.
Beelden die zonder medeweten en instemming van werknemers of OR zijn gemaakt kunnen toch worden gebruikt in de rechtszaal. Hoewel de rechter onrechtmatig verkregen bewijsmateriaal niet hoeft te betrekken in zijn besluitvorming, doet de kantonrechter (waar je in arbeidsgeschillen in eerste instantie uitkomt), dat meestal wel. Materiële waarheidsvinding staat voorop in het civiele recht.
Vaak wordt de zaak overigens al geschikt voor de zitting, omdat de beelden nu eenmaal voor zich spreken. Het gegeven ontslag op staande voet op grond van diefstal wordt dan ingetrokken en omgezet in een beëindiging met wederzijds goedvinden waardoor de werknemer zijn WW aanspraken behoudt.
Je moet lid zijn van HRbase - grootste HR netwerk van Nederland om reacties te kunnen toevoegen!
Word lid van HRbase - grootste HR netwerk van Nederland