65 procent van de hoogopgeleide werknemers denkt dat collega’s zich nooit ergeren als ze in de weer zijn met hun smartphone. 56 procent doet dat wel degelijk, blijkt uit onderzoek van Intermediair.

Vooral tijdens vergaderingen ergert men zich dood aan al dat heimelijke ge-sms, ge-e-mail en gebel (89 procent vindt dit het meest irritante moment). Maar ook het smartphonegebruik tijdens de gewone werkzaamheden (22 procent), borrels (18 procent) en de middagpauze (17 procent) roept irritaties op. Zowel smartphonebezitters als gewone telefoonbezitters denken dat als zij aan het woord zijn en een ander met zijn telefoon bezig is, zij oninteressant gevonden worden. Toch gaat er blijkbaar een onweerstaanbare aantrekkingskracht van de smartphone uit. Want hoewel veertig procent van de respondenten telefoongebruik in gezelschap onbeleefd vindt, doen ze het zelf ook.

Toch is de overgrote meerderheid van de ondervraagden (zeventig procent) geen voorstander van het opstellen van speciale gedragsregels. Van de mensen die het wel een goed plan vinden vindt 56 procent dat smartphone opgeborgen moet zijn tijdens vergadering. Alleen noodzakelijke telefoontjes mogen worden gepleegd, zegt 25 procent. 38 procent vindt dat je alleen mag bellen als het heel dringend is, maar tijdens vergaderingen niet mailen en sms’en. 7,5 procent is voor een smartphone-break tijdens meetings.

Aan het onderzoek deden 474 hoogopgeleide Intermediairpanelleden mee: mensen die het blad lezen en/of de site bezoeken. 55 procent van hen heeft een smartphone. 82,5 procent heeft (ook) collega’s met een smartphone. Mensen met een smartphone hebben vaker een leidinggevende functie, zijn vaker hoogopgeleid en vaker man.

Aantal keer bekeken: 78

Plaats een reactie