Aandacht voor diversiteit levert meer op dan kille bezuinigingen

De crisis houdt aan, de druk op organisaties om te bezuinigen is groot. De kaasschaaf-methode levert op korte termijn veel resultaat op, maar succes op de lange termijn vraagt om heel andere dingen.

Natuurlijk kunnen we routinematige taken steeds verder automatiseren en kunnen we met dezelfde mensen veel meer werk verzetten. Het echte concurrentievoordeel zit 'm echter in oprechte aandacht voor de medewerkers en oog voor de diversiteit binnen deze groep. In 1997 zeiden Jeremy en Tony Hope al: "It's rather ironic that as the information age finally closes in around us, organizations are becoming more dependent on people than ever before".

Ik gebruik bewust het woordje 'oprecht' in de vorige alinea, omdat ik in de praktijk voorbeelden zie waarin weliswaar vanuit het management beleden wordt dat ze in gesprek zijn met hun personeel, transparant zijn en duidelijke afspraken maken, maar als je daar op doorvraagt, blijven goedbedoelde pogingen vaak steken in de haast obligate functionerings- en beoordelingsgesprekken, maar échte gesprekken naar wat een medewerker bindt of boeit, blijven achterwege.

Daarom stoor ik mij weleens aan het feit dat er nu volop geroepen wordt dat medewerkers zelfsturend, 'ondernemer' binnen de organisatie en resultaatgericht moeten worden. Leuk, en voor een grote groep zal het zeker werken. We gaan met deze typering echter wel stilletjes voorbij aan het feit dat niet iedereen die nieuwe, zelfredzame medewerker wil of kan zijn. Mensen kunnen nu eenmaal niet alles leren. Ze dan toch onder druk van nieuwe cretologie over het randje helpen, is slecht personeelsbeleid.

Durf het lef te hebben werkzaamheden anders in te richten. Het mes snijdt daarbij aan twee kanten. De medewerkers uit de 'zelfsturende, ondernemende' groep kunnen hierdoor meer werkzaamheden verrichten die aansluiten op hun competenties. De andere groep medewerkers bied je mogelijkheden een takenpakket te kiezen die beter past bij hun competenties. Wanneer we de juiste mensen op de juiste plek hebben en we doen een maximaal beroep op wat ze wél kunnen in plaats van wat niet, pas dan schieten de bijdragen van de medewerkers aan de organisatiedoelen omhoog en kun je je bedrijfsresultaten verbeteren.

In mijn ogen zijn het niet altijd de medewerkers die onvoldoende bijdragen aan die bedrijfsresultaten; hoe de organisatie met haar medewerkers om gaat, dát maakt het verschil tussen succes en falen.

Met dank aan 'De Geluksfabriek' van Maurits Bruel en Clemens Colsen voor de inspiratie

Aantal keer bekeken: 141

Plaats een reactie