Hans had de opvolging zorgvuldig voorbereid: na het pensioen van zijn leidinggevende zou hij zelf de manager worden van de afdeling waar hij nu twee jaar werkte. Zijn baas had hem ook met dat oogmerk binnengehaald en hem voorgesorteerd voor deze bepalende sleutelfunctie. De gedroomde opvolger was Hans echter nog niet: alhoewel hij veel ervaring had als wetenschapper en middels talloze publicaties had bewezen het onderzoeksterrein van de afdeling goed te beheersen, miste hij ervaring als leidinggevende. Maar het komende jaar zou hij daarop ingewerkt worden en een coach zou hem daarin kunnen ondersteunen.

Tijdens de eerste coachingsgesprekken, vertelde Hans vol passie over zijn vakgebied: hij was er sinds zijn kleutertijd verliefd op en al tijdens zijn studie was zijn carrière gaan bloeien. Nu was hij vooral trots want aan de horizon scheen het nieuwe licht van de leidinggevende positie, die voelde als een beloning voor zijn inspanningen.  Er was echter één aspect dat hem dwars zat: hij had in toenemende mate last van zijn collega’s, hij vond ze niet zo gedreven en hij wist dat als hij aan ze zou gaan leidinggeven, hij meer inzet van ze zou verwachten. En hij vroeg zich af hoe hij dat moest aanpakken.

Tijdens de coaching bleek steeds duidelijker dat Hans zich vaak ongemakkelijk voelde bij zijn collega’s, terwijl hij vroeger zo’n teamspeler was geweest. Vanuit zijn aanstaande leiderschapsrol voelde hij zich nu al verantwoordelijk voor hun presteren en hij merkte dat hij zichzelf daarmee steeds meer buiten het team plaatste.

Uit een zelfonderzoek bleek dat Hans in veel situaties op het werk erg hoog scoorde op de gevoelens ‘zelfverzekerdheid’ en ‘angst’, een combinatie die vragen opwerpt. Hem werd gevraagd hoe hij die twee emoties, die elkaar in hun aard lijken tegen te spreken, ervoer in de verschillende situaties. Hoe speelden die gevoelens samen de bal rond? Welk gevoel had de overhand?

Dat angst zo’n grote rol in zijn huidige gevoelsleven speelde, verbaasde Hans. Maar naarmate hij eerlijker en opener naar zichzelf kon kijken, merkte hij dat hij eigenlijk hartstikke bang was. Langzaam maar zeker werd de kern duidelijk: Hans had eigenlijk geen zin in zijn toekomstige leidinggevende rol. Hij was bang de inhoud te verlaten, zijn grote liefde kwijt te raken. En met die liefde was Hans ook zijn eigen spoor aan het kwijtraken. Diep in zijn hart ambieerde hij helemaal geen managementpositie, maar het idee dat hij leidinggevende zou worden, had zijn ego gestreeld. Door zich af te zetten tegen zijn collega’s leek het alsof hij zich zelfverzekerder voelde en dacht hij zijn toekomstige positie te versterken. Het inzicht hierin had een bevrijdend effect.

En zo kunnen we allemaal naar iets toewerken, in iets groeien, waar we eigenlijk niet thuishoren. Diep in ons hart weten we het misschien wel, maar het einddoel is een te fraai wenkend perspectief. Net als de vier pinguïns uit de film Madagaskar: ook zij wilden naar een bestemming waar ze vonden dat ze ‘thuishoorden’. Niet in de warme Zoo van New York, maar op Antartica, daar horen pinguïns! Onverdroten hebben ze zich in hun doel vastgebeten en eenmaal op de plaats van bestemming aangekomen, is het stil. Ze rillen wat op de koude, onherbergzame vlakte terwijl de wind om hen heen raast. Ze wilden het wel, maar paste het ook? 

Hoe bevrijdend zijn inzicht ook was geweest, het was niet eenvoudig voor Hans om zijn leidinggevende te vertellen over zijn besluit niet te opteren voor opvolging. Maar gelukkig kreeg hij een relaxte en zelfs opgeluchte reactie: zijn gespannen houding was niet onopgemerkt gebleven en zijn baas had inmiddels bedacht dat Hans zichzelf en de organisatie een grotere dienst zou bewijzen als hij in zijn huidige functie zou blijven. Het is voor Hans wennen om zijn collega’s weer als collega’s te zien en zijn oude teamgeest weer te voelen en daarin is hij goed op weg.

Aantal keer bekeken: 184

Plaats een reactie

Reacties op dit bericht

Mooi geschreven Annette. En volgens mij voor veel leidinggevenden herkenbaar. Vanuit ervaring doorgroeien in een leiderschapsrol, maar daar eigenlijk niet de juiste competenties voor hebben en veel beter passen in de rol van (senior) professional.

Dank je wel Jeremy. En ja, zo kan het lopen als iemand ernaar durft te kijken. En gelukkig gaat het ook heel vaak wel goed, ook al kan het in het begin wat strubbeling geven om de competenties aan te scherpen. Maar deze Hans wilde het diep in zijn hart echt niet. Gelukkig zag hij het op tijd in en koos hij voor wat bij hem het beste paste.

RSS