Afgelopen donderdag 10 maart nam ik deel aan een debat over de 'Dilemma’s van de netwerkgeneratie' in het Felix Meritis in Amsterdam. Tijdens deze debatavond was de toekomst van de (flexibele) arbeidsmarkt één van de thema’s. Uitzendorganisatie Manpower had opdracht geven voor een onderzoek naar de positie en wensen van jongeren op de arbeidsmarkt. Dit onderzoek was een vervolg op een eerder onderzoek van Motivaction dat laat zien dat jongeren van nu anders in het leven staan dan eerdere generaties toen die jong waren. Doordat straks een massale uittocht van babyboomers te verwachten is, zullen veel sectoren te maken krijgen met een krappe arbeidsmarkt. Om die reden achtte Manpower het van groot belang om zich te verdiepen in de jongere generatie.

Het onderzoek laat zien een tweedeling zien. Zo is er een categorie die wordt aangeduid als ‘zelfredzamen’. De ‘zelfredzamen’ zijn ambitieus, op zichzelf gericht en in beweging. Niet meer jaren bij dezelfde werkgever, maar een behoefte aan flexibiliteit. Hiertegenover staan de zogenaamde ‘structuurzoekers’. Het onderzoek laat zien dat deze groep behoefte heeft aan structuur en duidelijke instructies van hun werkgever. Zij werken liever op vaste tijden en vinden het fijn om werk en privé strikt te scheiden. Uiteraard betreft dit een globale indeling en laat niet iedereen zich zo gemakkelijk in een van deze groepen plaatsen.

Wat betekent dit voor de arbeidsmarkt en de regels?
Ik mocht mij buigen over de vraag wat dit voor de toekomst van de arbeidsmarkt en het arbeidsrecht betekent. Het huidige arbeidsrecht stamt uit 1907. In die tijd bestond ‘jobhoppen’ niet en was de ongelijkheid tussen de werknemer en de werkgever (vaak in een industriële omgeving) enorm. Een dienstverband had je voor het leven. Maar, de tijden zijn veranderd. Werknemers zijn mondiger geworden en er is minder sprake van ongelijkheid. Daarnaast is een heel lang dienstverband bij dezelfde werkgever vaker uitzondering dan regel.

De bescherming op grond van het arbeidsrecht is afhankelijk van het type contract en de duur van een dienstverband bij dezelfde werkgever. Je kunt een werknemer met een contract voor onbepaald tijd niet eenvoudig ontslaan. En als een werknemer wordt ontslagen, heeft hij aanspraak op een (hogere) ontslagvergoeding. Dit leidt er ook toe dat werknemers lang blijven zitten en de arbeidsmarkt minder flexibel is. Werkt iemand op een contract voor bepaalde tijd, iets dat veel jongeren doen, dan is er nauwlijks bescherming. De fundamenten van het arbeidsrecht sluiten niet meer aan bij de behoefte van de ‘zelfredzamen’ op de arbeidsmarkt. Die groep is gebaat bij een flexibel systeem dat hen in staat stelt om zich te blijven ontwikkelen en een (korte) periode van werkloosheid financieel te overbruggen. Zij hoeven minder bescherming tegen het ontslag zelf. Zij redden zich immers wel en zijn in staat om ander werk te vinden.

Daartegenover staat de groep ‘structuurzoekers’. In het onderzoek wordt aandacht gevraagd voor deze groep. Bescherming van deze groep is vereist, omdat binnen deze groep bepaalde jongeren minder goed in staat zijn om zichzelf te redden en mee te komen in de “rat race”. Zelfs als de arbeid straks schaarser wordt. Het betreft ook vaker werknemers waartegen een vooroordeel bestaat, bijvoorbeeld vanwege een lichamelijke beperking.

Toekomst van de arbeidsmarkt?
Wat heeft de toekomst? Twee verschillende arbeidsrechtelijke stelsels? Een systeem voor de ‘zelfredzamen’ met minder bescherming, waarbij je een werknemer bijvoorbeeld kunt ontslaan zonder toestemming vooraf (afschaffing van de preventieve ontslagtoets) en de werknemer aanspraak heeft op een kortdurende (hoge) WW-uitkering? En daarnaast een systeem voor de ‘structuurzoekers’, dat gekenmerkt wordt door activeringsmaatregelen en prikkels om deze mensen in dienst te nemen? Met middelen (scholing) om deze groep verder te ontwikkelen, zodat zij ook ‘zelfredzaam’ worden? Moet elke werknemer worden verplicht om scholing te volgen?

Lastige vragen! Ik ben benieuwd naar uw ideeën. In ieder geval staat vast dat de arbeidsmarkt enorm is veranderd in de afgelopen eeuw en dat er de komende jaren nog meer zal veranderen. Voor mij staat vast dat de regelgeving hierop moet worden aangepast.

Aantal keer bekeken: 517

Laat een reactie achter

Je moet lid zijn van HRbase - grootste HR netwerk van Nederland om reacties te kunnen toevoegen!

Word lid van HRbase - grootste HR netwerk van Nederland

Reactie van Jeroen on 30 maart 2011 at 9:25pm
Lekker onderwerp ;-): de politiek heeft hier de komende jaren al de handen vol aan en 'wij' staan middenin deze poel.
Saai wordt het niet, dat lijkt me duidelijk. Wat me niet duidelijk is, is de eeuwige classificatie: zelfredzamen? Structuurzoekers? Het zegt me weinig en doet me weinig als ik eerlijk ben. In hoeverre je hier zou moeten spreken over 2 afzonderlijke arbeidsrechtelijke stelsel weet ik niet maar interessant is dit wel: met de opkomst van de ZZP-er is er een groep werknemers in opkomst die juridisch ergens tussen wal en schip vallen: er zijn voldoende geleerden die al (soms decennia) schrijven over een herziening van het arbeidsrechtelijke stelsel echter is nog niet duidelijk hoe dit eruit moet zien.
Ik werk zelf in de recruitment (olie en gas) en zie daar ontzettend veel mensen die flexibel zijn: als ZZP-er, op de payroll of direct in dienst, het maakt niet uit als er maar gewerkt kan worden. Soms vraag ik me af in hoeverre de mensen uit deze groep op de hoogte zijn van hun eigen positie indien zij in de knel komen en in juridisch vaarwater moeten navigeren. Daarbij zie je, zeker bij organisaties in de olie en gas, maar ook in de zorg, dat er een steeds efficientere groep van 'kernwerknemers' komt met daaromheen een grote(re) groep van flexibele werknemers. Welke rechten en plichten hebben zij, juridisch gezien?
De komende tijd zal een hoop wijze lessen brengen, daar ben ik van overtuigd. Ik kijk er naar uit!
Reactie van Ronald Dekker on 17 maart 2011 at 12:15pm
Interessante vraag.

Ik heb er ook een paar

- Is het verschil tussen 'zelfredzamen' en 'structuurzoekers' werkelijk zo groot als Motivaction suggereert?
- Is het niet zo dat alle jongeren in meer of mindere mate 'zelfredzaam' en/of 'structuurzoekend' is?
- Hoeveel 'zelfredzamen' en 'structuurzoekers' zijn er eigenlijk? Wat is de getalsmatige verhouding tussen de twee groepen?

Het antwoord op bovenstaande vragen is belangrijk voor de vraag of de instituties op de arbeidsmarkt aanpassing behoeven.

Vervolgens kan je je afvragen:

-Is het werkelijk zo dat instituties die beogen 'structuurzoekers' te beschermen, belemmerend werken voor 'zelfredzamen' of 'structuurzoekers' zelf?

Om het begin van een antwoord te formuleren, zou ik willen stellen dat de instituties op de Nederlandse arbeidsmarkt een gebalanceerd pakket van flexibiliteit en zekerheid (flexicurity) vormen die voordelen biedt voor zowel structuurzoekers als zelfredzamen, zowel voor flexwerkers als voor 'vaste' werknemers.

Aanpassingen aan die instituties moet je 'evidence-based' en met aandacht voor behoud van de balans tussen flexibiliteit en zekerheid doen. Dus zeker niet uit ongerichte bezuinigingsdrift, zoals nu gebeurd met het UWV.
Reactie van Raoul van Heese on 17 maart 2011 at 10:42am
Mooi item aangeslingerd Emilie!
Het arbeidsrechtelijk en sociaal zekerheidsstelsel behoeft idd groot onderhoud. Deels is dit al in gang gezet doordat de club ZZP mondjesmaat beter wordt bediend (de zelfredzamen organiseren zich en staan op publieke agenda's).
Voor de club 'structuurzoekers' is afgelopen 100 jaar een bunkersysteem opgebouwd waar minister Kamp sinds zijn aantreden met de sloopkogel tegenaan aan het beuken is (UWV deze week). Helemaal opnieuw beginnen is vaak de gedroomde weg naar de nieuwe situatie, echter idealiter kiezen we voor de weg van de geleidelijkheid. Echter deze transformatie had mijn inziens al veel eerder ingezet moeten worden. Het begrip 'Flexicurity' is inmiddels 20 jaar oud en de deskundigen van ReflecT (UvT) bewegen hemel en aarde (en vooral de politiek) om vaart te maken met hervormingen op dit punt.
Genoemde indeling is een prima start.
Reactie van Frank Poels on 14 maart 2011 at 4:37pm
Beste Emilie,
Dit is een zeer interessant onderwerp. Met name ook van toepassing op mijzelf. Ik ben zelf een starter op de arbeidsmarkt, 25 jaar oud en heb zojuist mijn studie Personeel & Arbeid afgerond aan de Hogeschool Zuyd. Het is voor mij als starter moeilijk om aan de slag te gaan in een P&O-gerelateerde functie, vooral in Limburg! De P&O wereld in Limburg is klein waardoor je als starter nog moeilijker aan de slag komt. Na talloze sollicitatiebrieven te hebben geschreven en telkens afgewezen te worden op mijn werkervaring ben ik gestart met een traineeship. Dit is mijn geluk geweest om in een HR functie aan de slag te gaan in Limburg, echter hebben veel studenten van mijn jaargroep dit geluk niet gehad. Ik ben nu voor 2 jaar verbonden aan een traineeship waardoor ik in ieder geval 2 jaar werkervaring mag opdoen als startend P&O'er.
Limburg is sterk vergrijsd maar is tevens ook aan het ontgroenen. Vanaf 2015 zijn we met onvoldoende mensen om het werk nog aan te kunnen en dat terwijl nu in Limburg veel werkzoekenden zijn (deze informatie is verkregen uit rapport RAIL 2011). Ik hoop dat ik na mijn 2 jaar durende traineeship nog steeds aan de slag kan in Limburg. Toch betwijfel ik dit ernstig ondanks de vergrijzing/ ontgroening.
Om terug te komen op het gedeelte arbeidsrecht. Ik ben van mening dat ik onder de categorie “zelfredzamen” val. Ik ben ambiteus, ben in beweging, hoef niet meerdere jaren bij dezelfde werkgever te werken en heb behoefte om werkervaring op te doen. Daarnaast vind ik het wel belangrijk om werk en privé gescheiden te houden. Om het arbeidsrecht op mijzelf te toetsen.. Als starter zal ik vrijwel bij elk bedrijf waar ik ook zal aanvangen met mijn werkzaamheden met een contract starten voor bepaalde tijd. Daarnaast is het voor mij de vraag of ik wel een arbeidsovereenkomst zal krijgen voor onbepaalde tijd. Deze arbeidsovereenkomsten worden steeds minder vaak gegeven aan werknemers. Mocht ik om de een af andere reden mijn contract niet verlengd krijgen dan is er in Limburg vanuit mijn optiek in mijn vakgebied te verstaan stress. Ik kom namelijk niet zo snel aan de slag in Limburg en verhuizen is voor mij geen optie.. Hierdoor ben ik van de ene kant genoodzaakt om bij dezelfde werkgever te blijven als ik deze optie krijg aangeboden. Dit is kort mijn visie op de arbeidsmarkt.