Een bedrijf hoeft geen loonheffingen/premies in te houden en af te dragen voor een opdrachtnemer als een zogeheten verklaring arbeidsrelatie (en wel – meestal – de varianten VAR DGA of VAR WUO) is afgegeven. Op dit systeem bestaat kritiek, omdat het in de hand zou werken dat steeds meer werknemers/werklozen zich genoodzaakt zouden zien om als zzp’er aan de slag te gaan, omdat ze anders brodeloos zouden worden/blijven. En de onzekere positie van zzp’ers is al langer punt van zorg in Den Haag.

Ook wordt gezegd dat eigenlijk alleen de opdrachtgever zekerheid heeft over zijn financiële verplichtingen als zo’n VAR is afgegeven, terwijl de opdrachtnemer onzeker blijft. Want als in de praktijk blijkt dat de opdrachtnemer toch niet zo zelfstandig is als de VAR doet geloven, dan zal de fiscus (in de loonbelastingsfeer) verhaal nemen op de opdrachtnemer. Het is overigens de vraag of dit laatste juist is (en of de fiscus niet ook de opdrachtgever kan aanspreken), maar dat terzijde.

Kritiek op BGL

Vanwege de kritiek op het VAR-systeem is in september 2014 het wetsvoorstel ‘beschikking geen loonheffing’ (BGL) aan de Tweede Kamer gepresenteerd. Het idee is dat via een webmodule van de fiscus vragen zouden moeten worden beantwoord, waarvoor opdrachtnemer en opdrachtgever gezamenlijk verantwoordelijk zouden zijn, zodat zij de lasten en risico’s ook gezamenlijk zouden dragen. Van vele kanten is op dat wetsvoorstel kritiek geleverd. Zo zou de webtool een zeer kostbaar en kwetsbaar IT systeem zijn. Bovendien zou er veel administratieve rompslomp bij komen kijken en uiteraard vonden de bedrijven die veel gebruik maken van zzp’ers het niet leuk dat zij meer risico zouden gaan lopen en meer verantwoordelijkheid zouden moeten nemen.

Tussenoplossing: voorbeeldovereenkomsten

Daarom is staatssecretaris Wiebes met een tussenoplossing gekomen. Op 20 april 2015 heeft hij een brief geschreven aan de Tweede Kamer dat hij bereid is het wetsvoorstel BGL aan te passen. Zijn plan is nu dat vooral sectoraal gekeken gaat worden naar vrijstellingen. Belangenorganisaties kunnen voorbeeldovereenkomsten aan de belastingdienst voorleggen en aan de hand van de bevindingen van de belastingdienst kunnen individuele partijen vervolgens gebruik maken van zo’n vrijgestelde modelovereenkomst. Maar ook sectoroverstijgende standaardovereenkomsten en individuele maatwerkovereenkomsten kunnen worden voorgelegd aan de belastingdienst. Wat blijft, is de toets achteraf.

Net zoals nu al bij de VAR het geval is en het geval zou zijn geweest bij de BGL, zal de belastingdienst altijd de mogelijkheid hebben om achteraf alsnog een claim neer te leggen als blijkt dat in de praktijk niet conform die goedgekeurde modelovereenkomst wordt gehandeld. Er kan dan een correctieverplichting worden opgelegd aan de opdrachtgever, al of niet met een naheffing en/of een boete.

In de brief van staatssecretaris Wiebes worden de beoordelingsmaatstaven (zelfstandige versus fictief dienstverband) nog eens uitvoerig genoemd en men kan dus anticiperen op wat de belastingdienst wel en niet aanvaardbaar vindt. De brief van staatssecretaris Wiebes is te vinden op de site van de rijksoverheid. De planning is dat dit nieuwe systeem (als de beide Kamers instemmen met het aan te passen wetsvoorstel) per 1 januari 2016 gaat gelden (waarmee gegeven is dat in Den Haag overuren gedraaid moeten gaan worden…). Tot die tijd geldt het huidige VAR systeem.

In de thuiszorg is overigens geanticipeerd op de gang van zaken, want vanuit die branche zijn standaard zzp- overeenkomsten voorgelegd en goedgekeurd (niet door de fiscus) maar door de ministeries van volksgezondheid/welzijn/sport en financiën.

Heeft u vragen? Neem gerust contact met mij op:

Muriel Middeldorp

www.potjonker.nl
T +31(0)23 - 553 02 30 | F +31(0)23 - 553 02 60 | E middeldorp@potjonker.nl | Postbus 280, 2000 AG HAARLEM

Aantal keer bekeken: 1329

Laat een reactie achter

Je moet lid zijn van HRbase - grootste HR netwerk van Nederland om reacties te kunnen toevoegen!

Word lid van HRbase - grootste HR netwerk van Nederland