Vervuiling van het ontslagrechtspraaksysteem

Afgelopen woensdag maakte ik als advocaat bij een zitting voor een mondelinge behandeling van een ontbindingsverzoekschrift mee hoe een werkgever en zijn advocate echt flink de mantel uitgeveegd kregen van de –Utrechtse- kantonrechter. Reden: vervuiling van het systeem van de rechtspraak.

Na vastgesteld te hebben dat de wegens een arbeidsconflict geschorste werkneemster in haar verweerschrift zich niet tegen de verzochte ontbinding verzette en het alleen maar om de vraag ging of na niet succesvol verlopen schikkingsonderhandelingen een maandsalaris van 2500 euro (c =2 in dit geval, het ging om een werkneemster van onder de 35) als ontslagvergoeding zou worden toegekend of niets, ging de kantonrechter nog vóór de zitting begon de werkgever en zijn advocate voorrekenen wat voor extra kosten aan deze zitting verbonden waren.

Allereerst vond de rechter het ‘wonderlijk’ dat de advocate van de werkgever op en neer kwam uit Maastricht voor deze zaak, waarin wat haar betreft de werkneemster toch zeker minimaal in aanmerking kwam voor een standaardvergoeding (lees: een vergoeding met kantonrechterformule C=1); ze had met de griffier nog op het punt gestaan voor de zekerheid vooraf met de advocate te bellen of zij wel het verweerschrift had ontvangen en van plan was de zitting door te laten gaan. Met een uurtarief van 200 euro ben je dan toch al snel 1600 euro kwijt voor een dag declarabel werk, was volgens mij haar onuitgesproken gedachte.

Vervolgens bood de rechter aan dat indien alsnog een regeling zou worden getroffen, de arbeidsovereenkomst per diezelfde dag ontbonden kon worden –en dus de loondoorbetalingsplicht direct zou eindigen. De vervolgens geboden gelegenheid voor 10 minuten schorsing om daarover te onderhandelen werd onbenut gelaten door de werkgever, waarop de rechter reageerde met ‘dat verbaast mij zeer’ . Die reactie van de rechter verbaasde mij niet: als er een inhoudelijke behandeling volgt, gaan er doorgaans minimaal twee weken overheen voordat er een beschikking volgt, die geen terugwerkend kracht mag hebben. Gevolg: zeker de helft van een maandloon moet sowieso worden doorbetaald, ongeacht de vraag of er een vergoeding wordt toegekend.

Nadat de rechter geen andere mogelijkheid zag dan 'de inhoudelijke behandeling dan maar te laten aanvangen', volgde ook nog eens het oplezen door de werkgever van een ellenlange dikke pleitnota, voor het maken waarvan schat ik ook minimaal een paar uren is gerekend. Voor het verweer van de werkneemster had ik het zelf niet nodig gevonden dit doen; alle belangrijke feiten stonden zoals vaak al het geval is al in de stukken. De rechter probeerde duidelijk niet haar irritatie over de opstelling van de werkgever en zijn advocate te laten doorwerken in de kritische vragen die zij de werkgever stelde, maar slaagde daar voor mij als waarnemer maar ten dele in.

Na enkele vragen aan beide partijen kondigde zij aan over drie weken (!) uitspraak te doen.

De extra kosten verbonden aan deze zaak belopen volgens mijn voorzichtige schatting voor de werkgever al snel het drievoudige van het bedrag waarvoor geschikt kon worden, met als enige ‘winnaar’ de betrokken werkgeversadvocaat, die in een zaak met een geldelijk belang van 1250 euro een veelvoud van dat bedrag kan declareren. Of dat haar aangerekend moet worden is niet duidelijk; het is uiteindelijk de client zelf die beslist over de kosten die hij wil maken. Als het de werkgever erom ging zijn verhaal te doen, had hij dat een stuk goedkoper zónder advocaat kunnen doen. Helaas bleek al jaren geleden uit een onderzoek van de Nederlandse Orde van Advocaten dat gemiddeld de toegevoegde waarde van een advocaat voor clienten slechts marginaal positief is (en die van een rechtsbijstandsverzekeraar zelfs marginaal negatief).

Op 1 september vorig jaar schreef ik een blog ‘empowerment in ontslagzaken : gewoon zelf doen, in plaats van uitbesteden aan een advocaat’. Ik schreef dat ik in deze recessietijd als arbeidsrechtadvocaat steeds vaker het verzoek krijg om modellen van bijvoorbeeld ontbindingsverzoekschriften en ontslagvergunningsaanvragen bij UWV WERKbedrijf, van zowel werkgevers als werknemers. Ze gaan daarmee dan zelf aan de slag, uit kostenbesparingsoverwegingen. Ik werk daar graag en mee en juich die ontwikkeling toe, óók bij klanten die wel het geld ervoor over hebben om mij als advocaat de ontslagstukken te laten opstellen. Ik lees wel voor de zekerheid even mee, voordat tot indiening wordt overgegaan.

Niet alleen zaken bij UWV WERKbedrijf, maar ook bij de kantonrechter kunnen zonder advocaat worden gevoerd, met een flinke dosis uitzonderingen natuurlijk, bijvoorbeeld voor niet-mondige clienten. Het belangrijkste voordeel voor het zélf voeren van een procedure zit 'm wat mij betreft trouwens meestal niet eens in de kostenbesparing, maar in de empowerment: de persoonlijke en professionele ontwikkeling die voortkomt uit het zélf kunnen voeren van de regie over je eigen ontslagzaak -en in het voorkomen van vervuiling van het ontslagrechtspraaksysteem...

Arthur Hol

www.hrmcollege.nl
De Koning Vergouwen advocaten

Aantal keer bekeken: 144

Laat een reactie achter

Je moet lid zijn van HRbase - grootste HR netwerk van Nederland om reacties te kunnen toevoegen!

Word lid van HRbase - grootste HR netwerk van Nederland

Reactie van Jan vd Zanden on 25 januari 2010 at 3:21pm
Principes kosten geld. En precedenten kunnen een veelvoud kosten. Dus dat kan een argument zijn. En dat kan een pragmatische, goedkope en snelle oplossing van één casus naar de achtergrond dringen. Maar als je tevoren weet wat de uitkomst is (er moet sowieso betaald worden), heeft dat ook geen positief precedent signaal; integendeel.

Dus m.i. is deze werkgever echt niet verstandig bezig. Vanuit kostenoogpunt. Maar zelfs bij de rest van het personeel roept dergelijk gedrag ongeloof en zeker geen waardering voor de werkgever op.

Mijn conclusie blijft: onbegrijpelijk gedrag voor een werkgever. En vermoedelijk door de advocaat gestimuleerd vanwege eigenbelang.
Reactie van Ruud van Gerrevink on 25 januari 2010 at 3:01pm
@ Drs. Wassen

Het stuk is geschreven vanuit het standpunt van de advocaat die vindt dat je de cliënt tegen het "om het principe procederen" moet beschermen.

Overigens ken ik ook werkgevers die in principe geen "kantonrechtersformule" wensen te hanteren in neutrale ontslagprocedures. En wat mij betreft terecht. Dan gaat de werknemer maar naar de rechter met een kennelijk onredelijk ontslag verhaal als hij voor de koffer met geld wil gaan. Maar dit was geen neutraal geval, want het ging immers om een geëscaleerd arbeidsconflict.
Reactie van drs. P.J.A.A. Wassen on 25 januari 2010 at 2:06pm
Sommige principes kosten nu eenmaal geld.
Naar ik aanneem heeft de werkgever deze rekensom ook gemaakt.
Wellicht dat het positieve "spin off" effect voor de werkgever een veelvoud bedraagt van de gemaakte kosten.
Dit soort populistische "kort door de bocht" berichtjes heeft dan ook weining toegevoegde waarde!
Reactie van Ruud van Gerrevink on 25 januari 2010 at 1:40pm
Hoe was het ook al weer ... ?

Wie strijdt om een koe, geeft er een op toe.

De oplossing zit uiteraard in (citaat): "de wegens een arbeidsconflict geschorste werkneemster"
Het zal wel erg diep hebben gezeten.
Reactie van Jan vd Zanden on 25 januari 2010 at 1:04pm
Inderdaad onbegrijpelijk gedrag van deze werkgever.